16 februari - 9 maart
Kritiek van het buitenland op de CEPDat de CEP de twaalf kandidaten van Fanmi Lavalas niet geaccepteerd heeft is in het buitenland niet onopgemerkt gebleven. De ambassade van de VS merkt op dat bij verkiezingen waar niet iedereen aan mag meedoen de geloofwaardigheid in het geding is. Zij roept de CEP op met Fanmi Lavalas een gesprek aan te gaan. Volgens Le Monde zijn ook Canada, de OAS, de EU en Minustah niet gelukkig met het besluit van de CEP.
Het buitenland financiert meer dan 70% van de kosten (zestien miljoen dollar) van deze verkiezingen voor de senaat.
De Amerikaanse ambassadrice heeft op 11 februari een gesprek met de CEP gehad. Haar voorzitter zei 'verbaasd te zijn over de onjuiste en misleidende commentaren' van de internationale gemeenschap. Hij zei het jammer te vinden dat 'deze vrienden van Haïti zich nu zorgen maken over de beloofde financiering van de verkiezingen, maar niet bijtijds hun diensten aangeboden hebben voor bemiddeling' tussen de twee facties de elkaar betwisten de partij van oud-president Aristide te zijn.
De leden van de CEP hebben een gesprek gehad met Préval. Volgens haar woordvoerder was het onderwerp van dit gesprek de legaliteit van de beslissingen van de CEP.
Sinds 9 februari is het een gaan en komen van de afgewezen kandidaten bij het kantoor van de CEP in de wijk Delmas 38. Ze willen, na het besluit van de CEP om hun klachten aan te horen, weten waarom ze afgewezen zijn. Honderden van hun aanhangers ondersteunen hen met hun demonstraties.
De veiligheidsmaatregelen die genomen zijn in de omgeving van het kantoor veroorzaken problemen. Het verkeer wordt omgeleid langs onverharde wegen. De aanwonenden klagen over het stof dat het doet opwaaien.
De CEP blijkt niet ongevoelig voor de kritiek vanuit het buitenland en van Fanmi Lavalas. Ze heeft aan de afgewezen kandidaten de gelegenheid geboden om voor 16 februari alsnog te voldoen aan de door de kieswet gestelde eisen. Maar de onenigheid binnen de partij blijft. Een van de twee facties beroept zich op een document dat door Aristide getekend zou zijn waarin hij haar leidster, Dr. Maryse Narcisse, als zijn vertegenwoordiger zou aanwijzen. De andere, geleid door o.a. oud-premier Yvon Neptune, bestrijdt de geldigheid van dit document dat in - 2004 in Jamaica opgesteld zou zijn. Aan Narcisse zou geen enkele toezegging zijn gedaan.
De factie Narcisse vraagt de rechtbank de beslissing van de CEP ongeldig te verklaren. De uitspraak wordt op 9 maart verwacht.
Militante leden van Fanmi Lavalas hebben in de resten van de afgebrande Don Boscokerk een persconferentie gegeven. De kerk werd in 1988 door tegenstanders van Aristide in brand gestoken. Fanmi Lavalas kondigde aan 'over te gaan tot actie' omdat ze uitgesloten was van deelname aan de verkiezingen. 'Wij hebben niet gewild dat het zover moest komen, maar de CEP en president Préval hebben ons ertoe gedwongen', aldus hun leider René Civil, die regelmatig in conflict was met de CEP en al in 2003 als leider van Jeunesse au pouvoir, dreigde met een bloedbad. Hij eist de ontbindinding van de CEP. Hij wil geen samenwerking met Prévals partij L'Espoir, ook niet met Préval zelf. Neptune noemt hij een verrader.
De hele groep wil op 28 februari, de vijfde verjaardag van Aristides vertrek, overgaan tot actie. Inderdaad trekken volgens Miami Herald die dag duizenden mensen door de straten van Port-au-Prince. Het zou de eerste stap zijn die moet leiden tot Aristides terugkeer naar Haïti.
Op 6 maart verzamelden veel Fanmi Lavalas militanten zich voor de rechtbank, omdat haar president op die dag de voorzitter en de directeur-generaal van de CEP bij zich ontboden had. Gezien de vijandige houding van de demonstranten hadden de advocaten van de CEP gevraagd hen beiden te mogen vertegenwoordigen, zodat zij niet voor de rechtbank hoefden te verschijnen. De president weigerde dit echter.
Duvalier, die in 1986 gedwongen werd Haïti te verlaten, wordt ervan beschuldigd honderd miljoen dollar verduisterd te hebben. Een klein gedeelte hiervan, ongeveer zeven miljoen bevindt zich in Zwitserse banken. Er wordt al jaren geprobeerd dit geld terug naar Haïti te krijgen. De Zwitserse federale rechtbank zal nu de zeven miljoen naar Haïti overmaken 'omdat de houders van deze rekeningen niet kunnen aantonen dat dit geld niet van criminele oorsprong is'. Volgens de rechtbank heeft de familie Duvalier in de zin van het Wetboek van strafrechten gehandeld als een criminele organisatie. De beslissing van de rechtbank kan binnen dertig dagen worden aangevochten.
De zeven miljoen moet besteed worden aan sociale projecten. Ngo's die ervaring hebben op dit gebied zullen betrokken worden bij de besteding ervan. Met enkele van hen heeft het Zwitserse ministerie van Buitenlandse Zaken heeft al contact opgenomen. Haar vertegenwoordiging in Port-au-Prince is met het toezicht op de besteding belast.
Verschillende organisaties waaronder die voor mensenrechten willen dat ook het andere geld dat de Duvaliers en andere leiders gedurende drieëntwintig jaar verduisterd hebben wordt opgespoord. Ze willen eveneens dat er moeite wordt gedaan voor terugbetaling van het geld dat van Haïti gestolen is met inbegrip van 'het losgeld voor de onafhankelijkheid dat door Frankrijk werd geëist en het goud van de Nationale Bank dat gestolen is door de Amerikaanse marine in december 1914'.
In meer algemene zin zou het gaan om het in gang zetten van 'een proces van schadeloosstelling voor de verkwistingen en plunderingen waarvan ons land gedurende vijfhonderdzeventien jaar van 'kolonisatie, neokolonisatie en imperialistische overheersing' het slachtoffer is.
Préval heeft zeventien mensen uitgekozen om deel uit te maken van de presidentiële commissie die de grondwet moet herzien. De bedoeling is dat die tussen juni en september 2009 het parlement haar aanbevelingen voorlegt. De president zegt hierover tientallen gesprekken te hebben gevoerd met vertegenwoordigers van politieke partijen en het maatschappelijk middenveld. Hij vindt dat de huidige grondwet een gebrek aan samenhang heeft, waardoor instituties niet naar behoren functioneren.
Hij vraagt de commissieleden de bedoeling van de herziening aan het volk duidelijk te maken. Sommigen zouden kunnen denken dat hij uit eigen belang een nieuwe grondwet wil.
Préval heeft eveneens achttien leden gekozen voor de commissie die belast wordt met de hervorming van het justitieapparaat.
Beide commissies bestaan uit juristen, politici en leden van mensenrechtenorganisaties.
Op 20 februari heeft Préval de prinsen en prinsessen in het presidentieel paleis plechtig ontvangen. 'Ik vertrouw u de stad de komende vier dagen toe. Het leven kan mooi zijn als wij hand in hand optrekken'. Hij maakte hierbij een toespeling op het thema van deze carnaval: 'Men nan men pou lavi ka bèl'. Meer dan een maand lang trokken bands al iedere zondag door de straten.
Vrouwenorganisaties en het ministerie voor vrouwenzaken maken zich zorgen over respect voor het lichaam en de waardigheid van de vrouw bij populaire feesten als carnaval. Gezien de teksten van sommige bands blijkt deze zorg niet door iedereen gedeeld te worden Volgens het dagblad La Nouvelliste zijn de organisatoren van het Carnaval er niet in geslaagd in de optochten het thema 'Het leven kan mooi zijn' de gewenste aandacht te geven.
Ook niet in de teksten van de muziekgroepen. Ze hadden vooral de armoede als onderwerp.
Zoals gewoonlijk viel er een aantal gewonden: meer dan achthonderd meestal licht gewonden, enkelen van hen raakten gewond door kogels.
Volgens een dagblad uit Florida, dat zich beroept op officiële bronnen, heeft de Amerikaanse immigratiedienst op16 februari bepaald dat dertigduizend illegale Haïtianen uitgezet moeten worden. Zeshonderd zijn ondergebracht in kampen in afwachting op hun deportatie. Meer dan tweehonderdveertig hebben huisarrest en dragen elektronische enkelbanden.
De Haïtiaanse consulaten zijn ermee opgehouden hun de noodzakelijke uitreisdocumenten te geven. 'Wij geven die niet zolang wij van onze regering geen nieuwe instructies hebben gekregen', zegt de consul-generaal van Miami.
Na de orkanen had Préval tevergeefs bij Bush aangedrongen op opschorting van uitzetting van de duizenden illegale Haïtianen en hem gevraagd hun een tijdelijk status te geven. Haïti houdt vol dat zij na de natuurrampen niet het hoofd kan bieden aan een massale terugkeer van haar onderdanen.
In Miami demonstreren een paar honderd Haïtianen voor de immigratiedienst om te protesteren tegen de uitzetting. Ze eisen toepassing van het Statuut Tijdelijke Bescherming (TPS) en uitstel van de uitzettingen wegens de huidige situatie in Haïti. De TPS is bedoeld voor vluchtelingen die niet naar hun land kunnen terugkeren vanwege gewapende conflicten, natuurrampen of andere tijdelijke bijzondere omstandigheden.
De Amerikaans-Haïtiaanse zangeres Melky Jean zegt: 'We zijn hier om te zeggen: 'Obama, stop de uitzettingen. Wij Haïtianen houden van je, we stemmen op jou omdat we in geloven'.
De Haïtiaanse ambassade in de VS heeft bevestigd dat er geen reisdocumenten worden gegeven aan Haïtianen die uitgezet dreigen te worden.
Frankrijk geeft via de woordvoerder van het Ministerie voor Buitenlandse Zaken ook een reactie op het besluit van de VS. 'Hoewel deze beslissing valt onder de bevoegdheden van de VS, hecht Frankrijk waarde aan een weloverwogen beleid betreffende illegalen in samenspraak met de landen van herkomst. Deze kwestie mag staten niet in de problemen brengen en moet opgelost worden met respect voor de mensenrechten'.
Frankrijk zelf echter aarzelt niet gezinnen te ontwrichten en zet regelmatig vaders van wie de kinderen in Frankrijk leven het land uit.
Het State Departement heeft op 25 februari zijn jaarlijks rapport over de mensenrechten gepubliceerd. Het stelt vast dat er op dit gebied nog veel problemen in Haïti zijn. De regering behoudt in het algemeen wel haar controle over de politie, maar toch zijn er politiemensen die betrokken zijn bij ontvoeringen en moorden. Het noemt de weinig doeltreffende manier waarop de georganiseerde misdaad bestreden wordt, op de willekeur bij arrestaties en op de 'verschrikkelijk slechte sanitaire voorzieningen in de overbevolkte gevangenissen'. Het rechtssysteem is volgens het rapport niet onafhankelijk maar wordt 'beïnvloed door de wetgevende en uitvoerende macht'.
Direct na verschijning van dit rapport zeggen de VS 'ernstige gevallen' van corruptie te hebben ontdekt in alle regeringskringen. Ze merken op dat de grondwettelijke bepalingen omtrent de termijnen aangaande verkiezingen niet nageleefd zijn. Ze wijzen ook op het schenden van de rechten van de vrouw door 'geweldplegingen en sociale discriminatie' en op die van het kind dat het slachtoffer is van 'misbruik, handel en (gedwongen) huisarbeid'.
Voor wat de Dominicaanse Republiek betreft noemt het rapport de 'ernstige vormen van discriminatie waarvan Haïtiaanse migranten en hun nakomelingen het slachtoffer zijn'.
Tot voor kort was het onderwerp geweld tegen vrouwen taboe, maar steeds meer vrouwen spreken over het geweld waarvan zij de dupe waren. In de meeste gevallen zijn ze slachtoffer van de agressie van hun man. Volgens het laatste rapport van de vrouwenorganisatie SOFA is dat voor 82% het geval.
De woordvoerster van Kay Fanm verklaart: 'Deze grote verandering (dat het onderwerp niet meer taboe is, red.) is het resultaat van het bewustwordingsprogramma van de Haïtiaanse vrouwenorganisaties en het groeiend aantal klachten. We zien een toename van deze klachten ten opzichte van klachten over geweld in het algemeen. Vrouwen houden niet meer hun mond zoals in het verleden, ofschoon de zeer grote meerderheid nog steeds te bang is'.
Volgens deze organisatie stijgt het aantal minderjarigen dat het slachtoffer is van geweld. De armoede is volgens haar een van de belangrijkste verklaringen hiervan.. Ze zou ook een toename van kinderprostitutie tot gevolg hebben.
De Haïtiaanse vrouwenorganisaties eisen dat de regering harder optreedt tegen geweldpleging, maar is blij met wat de Ministerie voor Vrouwenzaken al gedaan heeft. In 2005 is er een plan voor een landelijke bestrijding van geweld tegen vrouwen gepubliceerd. Intussen is er veel gedaan aan de bewustwording van dit probleem bij de mensen van de gezondheidszorg, justitie en politie.
In 2006 is een decreet uitgevaardigd dat hogere straffen voor seksueel misbruik mogelijk maakt. Maar SOFA wil liever een wet, want 'een decreet kan door welke regering dan ook worden veranderd.' Toch vindt de organisatie het decreet al een stap in de goede richting. Voorheen verschoonde het Wetboek van Strafrechten de man van geweldpleging in het geval dat de vrouw overspel had gepleegd.
Probleem blijft echter dat artsen zich dikwijls nog laten betalen voor de medische verklaring die slachtoffers van geweld bij de rechtbank nodig hebben, ofschoon die gratis moet zijn.
Volgens Radio Kiskeya zijn bijna duizend mensen het slachtoffer geworden van de tropische regens die begin maart vooral in en rond Port-au-Prince gevallen zijn. In de wijk Nazon viel er 13 cm. binnen vierentwintig uur. In Cabaret barricadeerden de bewoners de doorgaande weg en eisten het schoonmaken en het uitdiepen van de Bretelle en de reparatie van de brug. Ze zijn door de politie uiteen gejaagd.
Parlementariërs verwijten de regering laksheid. Ze eisen verantwoording van de besteding van de 197 miljoen dollar die ze gekregen heeft vanwege de orkanen in september. Premier Michèle Pierre-Louis reageert hierop door te verwijzen naar de enorme hoeveelheid werk die verzet is in Gonaïves, dat het zwaarst door de natuurramp getroffen werd.
Van de andere kant zei ze tegen een journalist van Radio Métropole: 'Het milieu is een serieus probleem, maar het grootste probleem is de handel in drugs. Het dreigt het hele land te ontwrichten'. Volgens haar willen de drugshandelaren de politiek infiltreren.
De VS stelde Haïti onlangs nog voor als een 'bastion van drugshandelaren', waar dringend maatregelen tegen moeten worden genomen.
COHAN (Comitée Haïti Nederland)
Red.: André de Waele Wezenland 366 7415 JJ Deventer. E-mail: dewacohan@12move.nl