17 november
Twaalf dagen na het instorten van een school in Petionville, is in Canapé Vert een tweede school ingestort. Volgens Alterpresse zouden er geen doden gevallen zijn, maar raakten er acht kinderen gewond. Ook hier werd er een tweede etage op de school gebouwd. Dat er geen doden te betreuren waren zoals in Petionville (honderd drie doden) komt doordat tijdens het ongeluk de kinderen buiten speelden. De directeur, een dominee, is gearresteerd. Leerlingen van andere scholen met meer etages zijn bang.
Président Préval beschuldigt Openbare Werken van nalatigheid bij het bestuderen van de bouwplannen. De regering heeft nog eens strikt verboden tijdens de lessen bouw- werkzaamheden te verrichten
De regering heeft twee dagen rouw afgekondigd. De nationale vlag hangt halfstok en de discoteken zijn achtenveertig uur gesloten.
Als teken van solidariteit met de eerste slachtoffers heeft de Dominicaanse regering bepaald dat op 11 november alle lagere scholen gesloten zullen zijn en de leiding opgeroepen de vlag halfstok te hangen. Leerkrachten en leerlingen is gevraagd een zwarte armband te dragen. De onderwijzers is gevraagd tien minuten te besteden aan het belang van solidariteit met hun medeleerlingen in het buurland. Het Vaticaan, Frankrijk en ook andere landen hebben hun deelneming getuigd.
Deskundigen wijzen op de gevaarlijke combinatie van overbelasting, slechte grond en constructiefouten in Port-au-Prince en omgeving. Veel huizen zijn gebouwd op hellingen of op glooiend terrein. De structuur van de grond in het gebied van Delmas is van dien aard dat ze vervormd kan worden bij hevige regenval. Zo is tijdens de laatste orkanen in drie weken meer water gevallen dan in een jaar. De laatste maanden zijn er bovendien aardschokken geregistreerd.
24 november
In de wijk Musseau (Delmas) leven honderden mensen in angst, nadat een huis dat dicht bij een ravijn was gebouwd gedeeltelijk ingestort was.
In Tabarre is een scholier door schrik overleden aan een hartaanval. Bij zware regen en wind die de muren van de school deden trillen dachten de leerlingen dat het gebouw aan het instortten was. In paniek vluchtten ze naar buiten, waarbij zesentwintig van hen licht gewond raakten.
Een groep boeren heeft zich verenigd onder de naam KABAgrangou (uitroeien van de honger) om Haïti onafhankelijk te maken van voedselimport. De groep hekelt 'De globalisatie, de slechte kwaliteit van geïmporteerde levensmiddelen, het tekort aan investeringen door de overheid op het gebied van de landbouw en de verslechtering van het milieu'. Ze wil eigen, biologisch voedsel verbouwen. Tot 13 december zullen er manifestaties worden gehouden, waaraan ook andere organisaties zoals Oxfam en de Nationale Organisatie voor Voedselzekerheid (Cnsa) deelnemen.
Strijd tegen handel in drugsVolgens Radio Kiskeya is bij een anti drugsactie in Port-au-Prince 1,7 miljoen dollar in beslag genomen bij een oom van een drugshandelaar die onlangs aan de V.S uitgeleverd is. Bij een eerste huiszoeking werden in een handtas vijfhonderdduizend dollar gevonden. Bij onderzoek in de Centrale Bank vond men in een kluis nog 1,2 miljoen dollar.
Dit aangetroffen geld zou gestort worden in een fonds dat door de overheid gesticht is voor haar strijd tegen de handel in drugs. In dit fonds wordt ook de opbrengst gestort van de verkoop van huizen en auto's van drugshandelaren die in de V.S veroordeeld zijn en in de gevangenis zijn gezet.
24 november
De Voorlopige Kiesraad (CEP) heeft de politieke partijen en politieke groeperingen er aan herinnerd dat zij zich tussen 21 en 28 november moeten laten inschrijven om deel te kunnen nemen aan de verkiezingen voor eenderde van de senaat. Op 19 november wordt hiervoor een bijeenkomst georganiseerd. Twee coalities zeggen dit te zullen boycotten omdat ze hierover niet zijn geraadpleegd en er aan twijfelen of de CEP de verkiezingen goed kan organiseren.
Volgens het dagblad Le Matin is tijdens deze bijeenkomst benadrukt dat er maatregelen genomen zijn om gehandicapten, boeren en zwangere vrouwen aan de verkiezingen te kunnen laten deelnemen. Dikwijls konden zij dat niet. Het aantal kiesbureaus is bijna verdubbeld.
Op weg naar de Europese dagen over ontwikkelingssamenwerking in Straatsburg heeft Michèle Pierre-Louis gesproken met Kouchner (Buitenlandse Zaken) en zijn staatssecretaris. Beide bestuderen de mogelijkheden om adoptieprocedures te versnellen.
Aan het slot van de bijeenkomst in Straatsburg zou, volgens AlterPresse, de premier gezegd hebben: 'Op wereldniveau is het niet het geld of de mogelijkheden die ontbreken om ontwikkelingen te financieren, maar het gebrek aan wil, misschien veroorzaakt door een beeld dat, maar al te vaak, ons buiten spel zet, ons zelfs als kinderen beschouwt'. 'Haïti is moe van holle beloften van internationale hulp, het zijn dikwijls zoethoudertjes'.
In Haïti had Michèle Pierre-Louis eerder Arnaud Klarsfeld, speciale afgezant van Frankrijk, gesproken. Deze zei na een tiendaags bezoek aan Haïti dat hij graag een minitop zou willen tussen Obama en Sarkozy over de situatie in Haïti. 'Het is niet normaal dat 5% van de bevolking 95% van de rijkdommen van het land bezit'.
Hij beklaagt het lot van kinderen in de gevangenis: 'Er zitten dertig kinderen in een cel'.
Tijdens een persconferentie protesteert GARR tegen het geweld waaronder Haïtiaanse vrouwen te lijden hebben wanneer ze het buurland uitgezet worden of het slachtoffer worden van mensenhandelaars. Dit gebeurt vooral in de grensstreek. Ze worden regelmatig verkracht en bestolen van alles wat ze bezitten, zelfs hun kinderen worden geroofd. In deze streek is de staat nagenoeg afwezig. GARR roept het parlement op om een strafwet te maken op mensenhandel.
'Lascohobas is een draaischijf voor illegale immigratie naar de Dominicaanse Republiek. Het hele systeem werkt met hulp van Haïtiaanse mensensmokkelaars'.
Zes mensenrechtenorganisaties, waaronder Justitia et Pax hebben een brief aan Préval gestuurd waarin zij hem vragen bij de Dominicaanse autoriteiten te pleiten voor hun landgenoten die aan de andere kant van de grens het slachtoffer zijn van alle soorten geweld. Zij betreuren het dat de Haïtiaanse verantwoordelijken te 'bedeesd' zijn, 'ja zelfs het zwijgen' waar het gaat om het 'blinde geweld' dat op 27 en 28 oktober in Neiba plaatsvond. Volgens hen zijn er door de regering geen wettelijke maatregelen genomen of is er humanitaire hulp geboden om de slachtoffers te helpen. Ook betreuren zij het dat de 'Dominicaanse regering geen enkele arrestatie heeft gemeld en geen publieke waarschuwing heeft gegeven aan degenen die het recht in eigen hand willen nemen en groepen Haïtianen willen aanvallen'.
GARR merkt echter op dat Haïtiaanse en Dominicaanse (parlementariërs zich bewust zijn van de negatieve gevolgen die dit soort voorvallen kunnen hebben voor de relaties tussen beide landen.
8 december
Tien jaar na de ingediende eis heeft een rechtbank in de Dominicaanse Republiek een groep van vijfhonderd Haïtiaanse 'braceros' (arbeiders op suikerrietplantage) in het gelijk gesteld. De groep eiste dat het consortium waarvoor zij werken zich strikt houdt aan de arbeidscontracten die o.a. verlening van een kerstgratificaties en een ziektekostenverzekering behelst. De rechter veroordeelde de suikerfabriek Cristóbal Colon, eigendom van de groep Vicini, een van de oudste suikerfabrieken in de Dominicaanse Republiek.
De uitspraak van de rechtbank bepaalt dat de vertegenwoordigers van de fabriek met de werknemers moeten samenkomen om de arbeidscontacten schriftelijk vast te leggen, wat de voornaamste eis van de van vijfhonderd was.
De rechtbank heeft ook de verklaring van de suikerfabriek, volgens welke de Haïtiaanse braceros geen persoonlijkheidsbewijs (cédula) hebben en daarom formeel geen arbeids- contracten kunnen sluiten, niet aanvaard. De rechter heeft hierop geantwoord: 'Elk van de vijfhonderd is te identificeren door het nummer dat ze van de onderneming gekregen hebben en sommigen hebben een identificatienummer dat de Migratiedienst afgegeven heeft'. Hij herinnert er aan dat de lokale arbeidswetten een landelijk karakter hebben en zonder onderscheid gelden voor Dominicanen en buitenlanders.
Het verweer van de werkgever dat de werknemers van de fabriek te beschouwen zijn als tijdelijke arbeidskrachten is eveneens door de rechter verworpen.
Op 20 november, een maand na de moord op enkele Haïtianen in Neiba, melden bronnen binnen het politieapparaat dat vijf agenten, die er van verdacht worden Dominicanen aangezet tot geweld tegen Haïtianen, zijn gearresteerd.
Volgens het GARR heeft een leidinggevende van de politie van de provincie Bahoruco verklaard: 'De vijf verdachten zullen onmiddellijk overgedragen worden aan justitie. Naar vijf andere personen die verdacht worden van medeplichtigheid en die ook vooraanstaande Dominicanen 'barbaren' hebben genoemd, wordt actief gezocht'.
Bij gelegenheid van de negentiende verjaardag van de rechten van het kind hebben verschillende Haïtiaanse mensenrechtenorganisaties geprotesteerd tegen handel in kinderen en organen. Volgens een NGO is deze handel bijzonder winstgevend en zou ze via internationale adoptieorganisaties plaatsvinden. In het land zouden er enkele honderden crèches zijn, terwijl er maar negenenzeventig geregistreerd zijn bij het Instituut voor Welzijn en Onderzoek (Ibesr).
De directeur van het instituut zegt van het bestaan van kinderhandel op de hoogte te zijn en zegt nieuwe maatregelen te nemen om kinderen, die van deze handel het slachtoffer zouden kunnen worden, te beschermen. Het hoofd van de Dienst voor het Kind en de Vrouw kan niet bevestigen dat er ook handel in organen plaatsvindt. 'Onderzoek door Terre des Hommes, het ministerie van Sociale Zaken en Unicef heeft niet kunnen vaststellen dat kinderen het slachtoffer zijn van handel in organen'.
Op 27 november heeft Amnesty International een rapport gepubliceerd getiteld 'Keert u zich niet van hen af. Seksueel geweld tegen meisjes in Haïti'. Tijdens een persconferentie zei Gerardo Ducos, wetenschappelijk onderzoeker van Amnesty International: 'We zijn ons er van bewust dat de regering met grote moeilijkheden geconfronteerd wordt en dat zij probeert de ontwikkeling van het land, een goed bestuur en de rechtsstaat te bevorderen, maar geen van deze doeleinden kan volledig bereikt worden als de rechten van meisjes en vrouwen niet worden beschermd'.
Seksueel geweld tegen meisjes en verkrachtingen vinden in heel Haïti plaats. Volgens Ducos is het door gebrek aan een algeheel overzicht moeilijk de totale omvang van de ernst van dit probleem in te schatten. De organisatie Solidariteit van de Haïtiaanse vrouwen (SOFA) heeft geconstateerd dat in het jaar 2008 van de honderdvijf door haar geregistreerde verkrachtingen 55% minderjarigen het slachtoffer waren. 'Geweld tegen meisjes en vrouwen is eigen aan de Haïtiaanse cultuur, aan de patriarchale mentaliteit van onze samenleving, waar de verhouding van man tot vrouw een machtsverhouding is, een verhouding die gekenmerkt wordt door ongelijkheid', zegt de directeur van SOFA. 'Zelden krijgen meisjes die verkracht zijn steun van hun naasten, ze worden gestigmatiseerd, van school verwijderd, naar de rand van de samenleving gedreven'.
De commissaris van Gonaïves is op 2 december gearresteerd. Hij wordt ervan beschuldigd zijn partner ontvoerd en vermoord te hebben. Volgens de politie had zij banden met de drugswereld. De inwoners van de stad hebben gezegd te zullen demonstreren om hun commissaris weer op vrije voeten te krijgen. Volgens AlterPresse zei een van hen: 'Vanwege de commissaris zijn criminelen de stad ontvlucht'.
De voorzitter van de senaat heeft van de politie een verklaring geëist, omdat ze gezegd heeft dat bij de moord zijn auto is gebruikt. Hij heeft een aanklacht ingediend tegen de personen en de instanties die deze beschuldigingen geuit hebben.
Op 24 november heeft de Franse minister voor Migratie met de Kaap-Verdische eilanden een overeenkomst getekend over de migrantenstroom. Bij die gelegenheid zei hij dat vijf andere, soortgelijke akkoorden binnenkort getekend zullen worden, in het bijzonder met Haïti. Een van de artikelen van deze overeenkomst is dat de consulaten een laissez-passer kunnen afgeven aan in Frankrijk wonende illegalen die geen paspoort hebben en ze daardoor kan terug sturen naar hun land van herkomst.
Als Frankrijk en Haïti een dergelijk akkoord tekenen, zal dit ook gelden voor alle illegale Haïtianen die in Frankrijk of op de Franse Antillen wonen.
Onlangs heeft het Platform van Frans-Haïtiaaanse Verenigingen (Pafha) een verzoek gericht tot Michèle Pierre-Louis en de minister voor Haïtianen in het Buitenland, die op doorreis in Parijs waren, om Frankrijk opschorting van uitzettingen te vragen. Pafha heeft hen eveneens gevraagd het personeel van de Haïtiaanse consulaten instructies te geven om aan landgenoten die wegens illegaal verblijf gearresteerd zijn en die uitgezet dreigen te worden de juridische bijstand te geven waar zij recht op hebben.
Het platform vind het onaanvaardbaar dat er mensen zijn uitgezet die al een aanvraag om legalisering hadden ingediend en toch, zonder een advocaat of instantie om raad te kunnen vragen, gedwongen werden naar hun vaderland terug te keren.
COHAN (Comitée Haïti Nederland)
Red.: André de Waele Wezenland 366 7415 JJ Deventer. E-mail: dewacohan@12move.nl