10 november
In Petionville is op 7 november een school ingestort. Volgens de laatste gegevens kwamen hierbij minstens drieënnegentig personen om en raakten er honderdvijftig gewond, voor het grootste deel kinderen. De school, La promesse évangélique, stond in een arme wijk en telde zevenhonderd leerlingen tussen drie en twintig jaar. Een deel kreeg er 's morgens les, een ander deel 's middags. Men was bezig op de tweede etage nog een derde te bouwen. Bij het instorten van de eerste etage volgden de andere.
Op het moment van het ongeluk moesten er tegen de driehonderd leerlingen en onderwijzers in het gebouw aanwezig zijn geweest. Hulp werd verleend door brandweermannen uit Martinique, medewerkers van het kantoor van de USAID, door het Rode Kruis, MSF en door de politie.
De eigenaar van de school is een dominee die volgens de buurt zelf de school zou hebben gebouwd zonder hulp van vakmensen. Hij is in voorlopige hechtenis genomen. De burgemeester is opgroepen voor ondervraging door de regeringscommissaris.
Volgens de Haïtiaanse mensenrechtenorganisatie is deze ramp het gevolg van de laksheid van de regering bij controle op dit soort primitieve bouwwerken.
13 oktober
Michèle Pierre-Louis verklaart dat Haïti vijftig procent (121 miljoen dollar) van het fonds voor noodhulp ontvangen heeft. Dertigmiljoen hiervan is besteed voor aanschaf van werktuigen voor het herstel van de infrastructuur. De rest wordt o.a. besteed aan onderwijs en landbouw.
De regering wil de vijfmiljoen gourdes die zij heeft vrijgemaakt voor gemeenteprojecten niet laten beheren door parlementariërs, maar door het FAES (fonds voor economische en sociale hulp). Verschillende senatoren hebben hiertegen geprotesteerd. Volgens hen heeft het FAES nooit enig deugdelijk werk geleverd.
27 oktober
Michèle Pierre-Louis, behalve premier ook minister van Justitie ad interim, noemt bij haar bezoek aan de twee gevangenissen in Port-au-Prince de levensomstandigheden van de gedetineerden 'schandalig' 'Binnen het gevangeniswezen zijn er grote problemen die opgelost moeten worden'. Ze verwijst naar het feit dat meer dan vierduizend gevangen (bijna de helft van alle gedetineerden in het hele land) zijn opeengehoopt in de staatsgevangenis, die berekend is op vijfhonderd. Nog tijdens haar bezoek belooft ze dat de gevangenen die in verlengd voorarrest zitten en tegen wie geen aanklacht is ingediend spoedig zullen worden vrijgelaten.
De regeringscommissaris van Port-au-Prince heeft beloofd dat een groot aantal gedetineerden de komende dagen hun vrijheid zullen herkrijgen.
De premier wil ook herziening van o.a. het wetboek van strafrecht en het burgerlijk wetboek.
De speciale vertegenwoordiger van de Veiligheidsraad in Haïti, Hédi Annabi, heeft gepleit voor verlenging van het Minustah-mandaat tot 15 oktober 2009. Volgens hem spelen haar negenduizend militairen en politieagenten een essentiële rol op het gebied van veiligheid.
Annabi zegt dat de noodzaak het hoofd te bieden aan de problemen die de orkanen hebben veroorzaakt er toe heeft bijgedragen de politieke impasse die vijf maanden heeft geduurd te doorbreken. Anderzijds kan de economische situatie, nog verslechterd door de orkanen, grote ontevredenheid scheppen die voor politieke doeleinden kan worden misbruikt.
Hij vindt dat het vooral belangrijk is dat de Haïtiaanse leiders al het mogelijke doen om door te gaan met samenwerken. Tegelijkertijd moet de internationale gemeenschap hen helpen, niet alleen door politieke steun, maar ook door de regering te geven wat het land nodig heeft. Hierdoor zal de bevolking meer vertrouwen in haar krijgen.
Mgr. Poulard, bisschop van Jacmel, heeft zich de laatst tijd nogal eens onderscheiden door het doen van politieke uitspraken. Nu verzet hij zich tegen de verlenging van het mandaat van Minustah. Voor radio Kiskeya zegt hij dat er nergens op het Amerikaanse continent, met uitzondering van Haïti, de internationale gemeenschap zich vredeshandhaving tot haar taak stelt. Hij pleit voor het vertrek van Minustah zodat het land zijn soevereiniteit terugkrijgt.
De Veiligheidsraad heeft op 14 oktober inderdaad het mandaat van Minustah verlengd tot 15 oktober 2009. Ook nu behelst het mandaat van Minustah geen ontwikkelingswerkzaamheden zoals helpen bij de aanleg van wegen en afwateringen, waarom Préval gevraagd heeft.
De buurlanden en de landen in de regio is gevraagd om met de Haïtiaanse regering samen te werken om een eind te maken aan de mensenhandel, de handel in verdovende middelen en wapens en de Haïtiaanse politie hierbij te helpen.
In Gonaïves zijn de scholen nog niet begonnen. Verschillende zitten nog vol modder. Op sommige plaatsen zijn de bergen modder twee meter hoog. Volgens een medewerker van Openbare Werken zouden er een dertigtal grijpkranen gedurende acht maanden vierentwintig uur per dag bezig moeten zijn om heel de stad moddervrij te maken.
De bevolking wordt geplaagd door een invasie van muggen.
De afgevaardigde van Cabaret, dat ook zwaar getroffen is, verwijt de minister van Onderwijs dat hij niets gedaan heeft om het nieuwe schooljaar te kunnen laten beginnen. In de stad is het nog steeds gevaarlijk. Veel wegen zijn onbegaanbaar en het risico van verkeersongelukken is groot.
Meer dan een maand na de ramp wonen gedupeerden nog in plastic tenten. Daarin is het overdag meer dan veertig graden.
Er is gebrek aan water. 'We gaan door met het verstrekken van voedsel. De mensen moeten zelf proberen het te koken', zegt een vertegenwoordiger van de Bescherming Bevolking.
De Nationale Commissie van Voedselzekerheid (CNSA) schat de schade alleen al in de landbouw op eenenzestigmiljoen dollar. Ze is bang dat, als de economische en sociale situatie niet snel verbetert, veel gezinnen naar de stad zullen trekken.
In haar rapport schrijft ze dat de prijzen van de eerste levensbehoeften hoger zijn dan in april, toen de regering Alexis door de hongeropstanden gedwongen werd af te treden.
Les Cayes, de derde stad, is opnieuw getroffen door overstromingen. Verschillende tropische buien raasden in het weekend van 18-19 oktober over de zuidkust van Haïti. Een meisje werd door een het water meegesleurd toen ze een rivier wilde oversteken. Een ander wordt vermist.
Kanalen die normaal het regenwater moeten afvoeren zijn nooit schoongemaakt.
Médecins sans frontières (MSF) vindt de hulpverlening aan Gonaïves niet effectief. Vijf weken na de orkanen zijn er inwoners die nog steeds verstoken zijn van de nodige hulp. 'Ongeveer tienduizend mensen op een bevolking van tweehonderdduizend slapen op daken, in tenten of bouwsels van stukken hout en lappen. Anderen zitten samengepropt in leegstaande gebouwen of zijn tijdelijk ondergebracht bij familie waar, door gebrek aan ruimte, de kans op ziekten en huiselijk geweld aanzienlijk toeneemt'.
MSF voegt daar aan toe dat er in de stad nog steeds geen elektriciteit en stromend water is.
'De internationale voedselhulp is onvoldoende, niet geschikt voor jonge kinderen en uitgedeeld op een manier waardoor alleenstaande moeders niet bereikt worden.
Ondanks de aanwezigheid van veel internationale organisaties zien de inwoners van Gonaïves geen verbetering in hun toestand'. MSF roept de internationale gemeenschap en de regering op hun manier van hulpverlening te herzien en prioriteit te geven aan huisvesting en voedselhulp aan kinderen.
Dagen lang durende tropische regens hebben in het departement Grande Anse overstromingen veroorzaakt. Minstens twee personen kwamen hierbij om en andere zijn opgegeven als vermist.
Volgens Radio Métropole zijn in Baie d'Orange veertien mensen, waaronder twee kinderen, omgekomen van honger. Volgens de afgevaardigde van het departement (Zuidoost) is de situatie normaal al zeer moeilijk, maar is ze na de orkanen kritiek geworden. Het is een geïsoleerd gebied waarvan de bewoners de laatste weken niet in staat waren inkopen te doen. 'Veel kinderen zijn uitgedroogd en verzwakt. Een kind van vijftien jaar lijkt zes jaar'.
In Gonaïves is een depot ontdekt waarin ontvreemde levensmiddelen waren opgeslagen. Dit is des te ernstiger omdat de internationale voedselhulp nu al ontoereikend is.
Het Wereldvoedselprogramma waarschuwt dat, als de internationale gemeenschap niet gauw te hulp schiet, de voedselvoorziening gevaar loopt. 'We hebben drieëndertig miljoen dollar nodig, maar hebben hiervan niet meer dan 30% ontvangen'. Volgens de plaatselijke coördinator heeft Haïti, zo lang de landbouwactiviteiten niet zijn hervat en de economie niet verbeterd is, voedselhulp nodig voor de meest kwetsbaren. Dat zijn er 3,3 miljoen.
De FAO en het Internationale Fonds voor Landbouwontwikkeling van de VN heeft een hulpprogramma van 10,2 miljoen dollar aangekondigd.
Volgens een boerenorganisatie in de Artibonite (Morepla) wordt geld uit het fonds dat bestemd is voor drainering en het schoonmaken van afwateringen gegeven aan 'neporganisaties' Toen bekend werd dat een bedrag van zestigmiljoen gourdes beschikbaar was, zijn er heel vlug allerlei organisaties in het leven geroepen, maar die in werkelijkheid niet bestaan, om van dit fonds gebruik te kunnen maken. Volgens Morepla zijn ook parlementariërs hierbij betrokken. Zij vraagt ingrijpen van de minister van Landbouw en eist een onderzoek door het bureau voor bestrijding van corruptie.
De minister van Binnenlandse Zaken eist van alle gemeenten iedere maand een financieel overzicht. Komt dit niet, dan ontvangen ze geen geld meer uit het fonds.
3 november
Maanden lang bestaat de senaat uit een beperkt aantal leden. Tien senatoren moesten aftreden omdat hun termijn verlopen was, maar werden niet vervangen. Van de andere is er een overleden en een tweede (Rudolph Boulos) moest zich terugtrekken, omdat hij een buitenlandse nationaliteit bleek te hebben. De voorlopige kiesraad (CEP) heeft nu bekend gemaakt dat, om in deze vacatures te voorzien, op 19 april en 7 juni 2009 twaalf nieuwe senatoren gekozen zullen worden. Op 29 juni zal de uitslag van deze verkiezingen bekend gemaakt worden.
Illegalen20 oktober
GARR (hulp aan repatrianten en vluchtelingen) is blij met de oproep van Préval aan de Amerikaanse overheid om de deportaties van Haïtianen stoppen en hun de status te geven van 'tijdelijke bescherming' (TPS), die gegeven wordt aan mensen uit landen die slachtoffer zijn van natuurrampen. GARR vindt het belangrijk dat Préval, die binnenkort naar de Dominicaanse Republiek gaat, een soortgelijke oproep doet aan zijn Dominicaanse collega om een eind te maken aan uitzetting van Haïtianen. De organisatie vraagt ook onderhandelingen met hem te beginnen om het verblijf van Haïtianen, die jaren lang illegaal in het land wonen, te legaliseren. Op die manier laat hij zien dat hij zich evenveel zorgen maakt over de Haïtiaanse illegalen in de VS als om de honderdduizenden illegale Haïtianen in het buurland.
Volgens de Haïtiaanse organisatie voor de mensenrechten zijn in september, ondanks de orkanen, meer dan zevenhonderd personen de Dominicaanse Republiek uitgezet. GARR meldt dat de Dominicaanse overheid de laatste drie maanden achthonderdvijfendertig Haïtianen op afgelegen plaatsen heeft gedropt en niet op de plaatsen waarover overeenstemming was bereikt. GARR roept de regering op in haar urgentieprogramma ook die personen op te nemen die in zeer hachelijke sociale en economische omstandigheden leven om hen minder kwetsbaar te maken voor mensenhandelaren die de laatste tijd zeer actief zijn.
13 oktober
- Een actrice is door de politie dusdanig mishandeld dat ze moest worden opgenomen in een ziekenhuis van MSF. Vier politieagenten zijn gearresteerd.
- Een beeldhouwer is door Haïtiaanse agenten bedreigd met de dood.
- Werknemers zijn in staking gegaan vanwege het gewelddadig optreden van de politie. Er is een bevel tot aanhouding gegeven van de directeur van de Nationale Ouderdomsverzekering (ONA), beschuldigd van witwassen van geld. Hij bleek echter een half uur eerder vertrokken te zijn. Bij de inval in het kantoor trad de politie met geweld op tegen de werknemers, die als protest hiertegen in staking gingen.
3 november
Radio Kiskeya meldt dat de DEA (de Amerikaanse organisatie ter bestrijding van de handel in verdovende middelen) en de BLTS (haar Haïtiaanse tegenhanger) een belangrijke operatie gestart is. Woningen van in de VS veroordeelde Haïtianen zijn doorzocht en verzegeld. Het betreft hier o.a. huizen van de oud-politiechef onder Aristide en het voormalige hoofd van zijn veiligheidsdienst. Van zes anderen werd beslag gelegd op hun bezittingen.Behalve hun huizen werden hun luxe auto's geconfisqueerd. Ook werd beslag gelegd op hun bankrekeningen. Op die van een hen stond meer dan twee miljoen dollar.
Ook in Port-de-Paix zijn verschillende huizen doorzocht en verzegeld. Het parket ter plaatse maakt melding van de arrestatie van een vermeende drugshandelaar.
In de Dominicaanse Republiek (regio Neiba) is een Haïtiaan die een motor wilde stelen met een machete gedood. Hierop volgde een woede-uitbarsting tegen Haïtianen. Er vielen minstens twee doden en een tiental Haïtianen raakte gewond. Huizen van Haïtianen werden vernield of in brand gestoken.
COHAN (Comitée Haïti Nederland)
Red.: André de Waele Wezenland 366 7415 JJ Deventer. E-mail: dewacohan@12move.nl