Op 14 mei heeft Préval voor het parlement gezworen "getrouw de grondwet en de wetten van de Republiek na te leven, de rechten van het Haïtiaanse volk te respecteren en te doen respecteren, te werken aan het aanzien van het Vaderland, en de nationale onafhankelijkheid en de onschendbaarheid van het grondgebied te handhaven."
In afwijking van het protocol deed niet de nieuwe voorzitter van de Assemblée Nationale hem de presidentssjerp om, maar de Boniface Alexandre, president a.i.
Buiten het parlementsgebouw werden leuzen geroepen tegen de voorlopige regering, werd de veroordeling geëist van Latortue en de terugkeer van Aristide.
Na de inauguratieplechtigheid begeven zich de nieuwe president en de parlementsleden naar de kathedraal, waar volgens de traditie het Te Deum werd gezongen. Een week eerder was hiertegen geprotesteerd, omdat er in Haïti verschillende godsdiensten beleden worden.
's Middags houdt Préval voor de menigte, die zich voor het paleis verzameld heeft, zijn eerste rede voor de natie. "Wij moeten vrede stichten, er moet met elkaar gepraat worden." Hij spoort de bevolking aan een voorbeeld te nemen aan de helden van de Haïtiaanse onafhankelijkheid "opdat de vrede zich kan ontplooien in een Haïti zonder buitenlandse troepen; de oplossing van de problemen van het land ligt in onze handen."
Hij vraagt Minustah echter in Haïti te blijven "want haar taak is nog niet voltooid, maar haar gevechtswagens zijn niet meer nodig." Hij ziet ze liever vervangen door bulldozers en tractors om het land weer op de bouwen.
De dag van Prévals beëdiging begint nogal dramatisch. 's Nachts breekt er in de gevangenis, die niet meer dan vijfhonderd meter van het paleis verwijderd is, een opstand uit. Er worden schoten gelost. Gevangenen klimmen op het dak en eisen een uitspraak door de rechter. Demonstranten die zich voor de gevangenis verzameld hebben eisen hetzelfde. Veel te lang zitten hun familieleden in voorarrest.
Vertegenwoordigers van vierendertig regeringen en twaalf internationale organisaties zijn bij de beëdiging van Préval aanwezig, maar geen enkel staatshoofd. Brazilië en Venezuela hebben hun vice-presidenten gestuurd. Jeb Bush, gouverneur van Florida, vertegenwoordigt de VS. Frankrijk is vertegenwoordigd door haar minister van Buitenlandse Zaken. Deze heeft na afloop een onderhoud met de nieuwe president. Volgens Radio Haïtipress Network beloofde hij dat Frankrijk Haïti's advocaat zal zijn voor het kwijtschelden van haar schulden bij het IMF en de Wereldbank. "Frankrijk zal doorgaan de Haïtianen te helpen. Zij zal in de komende maanden haar bilaterale hulp van 7 tot 8 miljoen euro's met 50 tot 60 % verhogen." zegt hij tegen journalisten. Hij herinnert eraan dat zijn land al 25 % van de totale hulp door de EU voor haar rekening neemt.
Op uitnodiging van Chirac zal Préval op 21 juni naar Parijs gaan. Volgens de Franse president kan Haïti rekenen op de solidariteit van zijn land op politiek, economisch, financieel en cultureel gebied.
In 2003 heeft de vierde volkstelling in de geschiedenis van Haïti plaats gehad. De laatste was in 1982. Volgens de definitieve uitslag telt het land 8,4 miljoen inwoners en heeft het met 50% personen onder de 20 jaar de jongste bevolking van Noord- en Zuid-Amerika. Het werkeloosheidspercentage is 33. Van de volwassenen is 41 % analfabeet. Van de kinderen volgt 49 % lager onderwijs.
Van de bevolking woont 40 % in steden, in 1982 was dat nog maar 25 % .
Na consultatie van de voorzitters van de senaat en het Huis van afgevaardigden benoemt de nieuwe president Jacques-Eduard Alexis tot premier. Hij is 58 jaar, agronoom en ook tijdens Prévals eerste regeerperiode premier.
De twee kamers moeten deze benoeming nog goedkeuren.
Op mei wordt in Arcahaie de tweehonderddertigste verjaardag van de Haïtiaanse vlag gevierd. Bij die gelegenheid houdt Préval, in aanwezigheid van leden van de voormalige regering, van parlementariërs en leden van het corps diplomatique een reden waarin hij verwijst naar het volkslied, de Dessalinienne.
Verwijzend naar de eerste strofe "van de grond zijn wij de enige meester" erkent hij dat dit nu niet het geval is. Maar de aanwezigheid van Minustah is niet de enige oorzaak van het verlies van de nationale soevereiniteit. "Zo lang wij hulp vragen aan de internationale gemeenschap, zijn wij als kinderen en niet meester van onze grond. Om het vertrek van buitenlandse militairen mogelijk te maken moeten wij rijkdom verwerven, om rijkdom te verwerven moeten we investeringen aanmoedigen, om investeringen aan te moedigen moet er vrede zijn en om vrede te krijgen moet er een dialoog zijn."
Verder gaand met "in onze rijen geen verrader" noemt hij verraders al degenen die niet de vrede in het land willen. "De sluikhandelaren, degenen de corruptie plegen en zij die de belasting ontduiken zijn verraders. Zij belemmeren het realiseren van de vrede."
Zoals ook tijdens zijn beëdiging sprak Préval uitsluitend in het Creools.
Deze plechtigheid werd verstoord door enkele tientallen betogers die met hulp van megafoons leuzen riepen als "Haast je om Aristide te laten terugkeren."en "We hebben Préval gekozen om Aristide te laten terugkomen." Ze verspreidden op grote schaal foto's van hun leider.
Op 23 mei komen de landen die geld en troepen leveren op initiatief van Brazilië in Brasilia samen. Valdès, die zijn functie overdraagt een de Quatemalteek Edmond Mulet, zegt tegen de verzamelde pers dat deze bijeenkomst "absoluut noodzakelijk" is om voor Haïti in de komende zes maanden fondsen vrij te maken om het land in staat te stellen onderwijzers, politiemensen en gezondheidswerkers te betalen. De deelnemers aan deze bijeenkomst moeten hun belofte bij te dragen aan de 1,2 miljard dollar, die in 2004 toegezegd zijn, gestand doen. Hij zegt dat hiervan slechts 800 miljoen zijn overgemaakt.
"De VN zijn al zes keer in dit land geweest en iedere keer, dat de situatie begon te veranderen, hebben zij het land verlaten. Dit is niet het moment om te vertrekken, maar het moment om onze missie te versterken." Volgens hem heeft Préval nieuwe hoop gebracht en is er in de samenleving brede steun ontstaan voor zijn regering, ook in de zakenwereld en de politieke partijen. Hij zegt te hopen dat zijn opvolger in deze nieuwe situatie zich niet alleen zal kunnen richten op veiligheid, maar ook op ontwikkeling.
De verantwoordelijkheid voor Cité Soleil, tot nu toe toevertrouwd aan een Jordaans bataljon, wordt overgedragen aan Braziliaanse blauwhelmen. Ze krijgen direct te maken met een aanval van een groep gewapende mannen. Scherpschutters reageren en maken enkele slachtoffers. Daags hierna heeft een van de bendeleiders een onderhoud met de verantwoordelijke commandant van de blauwhelmen. Tijdens dit gesprek wordt een kolonel gegijzeld. Dit berust op een misverstand. De gijzelnemers denken dat hun leider gevangen is genomen.
Het schijnt dat de bendeleider na dit gesprek andere bendeleiders ervan overtuigd heeft dat het beter is de wapens neer te leggen in ruil voor werk. Achtentwintig bendeleden zouden al aangenomen zijn voor het schoonmaken van de wijk.
Préval heeft samen met de vice-president van Venezuela een akkoord ondertekend dat voorziet in levering door Petrocaribe van vijfduizend vaten olie per dag. Dezelfde dag nog worden honderdduizend vaten gelost. Préval zegt bij die gelegenheid: "Wij kennen de relatie die er is tussen Haïti en Venezuela erg goed. Het is in Jacmel dat Miranda de Venezolaanse vlag ontworpen heeft. Hij kreeg hulp van Haïti via president Petion. Dit akkoord is het begin van samenwerking met Venezuela. Er zullen meer overeenkomsten gesloten worden in het voordeel van beide landen."
De Venezolaanse vice-president reageert hierop door te zeggen: "Door dit akkoord betaalt Venezuela een historische schuld aan Haïti, een eeuwige schuld die ook de wortels vormt van de vrijheid en het ontstaan van de Venezolaanse staat."
De directeur van het gevangeniswezen geeft een overzicht van de gevolgen van de opstand van de gedetineerden op 14 mei: elf gevangen werden zwaar gewond en vijf bewakers licht gewond. Het motief van de opstand was dat de gedetineerden de aandacht van de nieuwe regering wilden trekken op de omstandigheden waarin zij leven en op hun lange preventieve hechtenis. Met hun betoging voor de gevangenis protesteerden familieleden dat zij geen gebruik mochten maken van hun recht de gevangenen te bezoeken.
29 meiDe kamer van afgevaardigden en de senaat hebben, met twee stemonthoudingen, de keus van Alexis als premier bekrachtigd.
Jean-Yves Noël, directeur-generaal van de UCREF (eenheid belast met onderzoek naar corruptie) is gearresteerd, omdat hij de veiligheidsdienst van een bank opdracht gegeven heeft een gerechtsbode te beletten geld op te nemen van door de UCREF geblokkeerde rekeningen. UCREF onderzoekt met name bij Aristides Stichting voor de Democratie verdachte financiële transacties en fictieve ondernemingen waarmee geld uit de staatskas verduisterd zou zijn.
Op deze arrestatie volgt een golf van protesten, vooral van de kant van organisaties voor de mensenrechten. "Deze aanhouding heeft als doel een essentieel element in de strijd tegen corruptie en het witwassen van geld uit te schakelen."
Een nota van Prévals kabinetschef laat weten dat de president de minister van Justitie en de verantwoordelijken voor UCREF opdraagt uitleg te geven van de arrestatie van Noël.
Ook Minustah zegt bezorgd te zijn over de arrestatie van Noël, die voor zijn leven zou vrezen.
De directeur-generaal van de recherche protesteert tegen de vrijlating van veel criminelen door corrupte rechters. Hij wijst daarbij op een maffianetwerk in de hoogste geledingen van de staat. Hij spreekt ook van een complot dat beoogt hem te betrekken bij ontvoeringen en van journalisten die zijn omgekocht om de publieke opinie voor te bereiden op zijn arrestatie. Ook zegt hij dat drie bijzonder gevaarlijke individuen in mei zijn vrijgelaten om voorbereidingen te treffen om hem of familieleden van hem te vermoorden.
Soldaten van Minustah zijn van plan de inwoners van Cité Soleil te helpen bij het schoonmaken van de wegen en bij het herstel van de lokale infrastructuur. Het schijnt echter niet, zoals een Braziliaans krant berichtte, dat de onderhandelingen met een bendeleider geleid hebben tot ontwapening.
Het nieuwe hoofd van Minustah, Mulet, zegt te hopen dat de VN het mandaat van zijn missie uitbreidt. De bedoeling is, zegt hij, dat Minustah zich aan ontwikkelingsactiviteiten kan wijden. Ook zeg hij zegt te willen dat Minustah het rekruteren van politiemensen kan controleren met het doel kandidaten met een crimineel verleden en hen die verdacht worden banden te hebben met de georganiseerde misdaad te weren.
Een van zijn eerste acties zal zijn het voeren van onderhandelingen met de regering om te het justitieapparaat te hervormen. Een van de meest delicate onderwerpen hierbij zal zijn het integreren van buitenlandse magistraten in het Haïtiaanse rechtssysteem, magistraten die ook zelfstandig uitspraken kunnen doen.
De politie meldt dat in de maand mei vijf agenten dodelijk slachtoffer werden van geweld. Twee van hen vervolgden criminelen, maar werden in een hinderlaag gelokt en gedood. Drie andere werden het slachtoffer van gewapende mannen.
Er is weer sprake van een toename van ontvoeringen: achttien in mei, tegenover zestien in april. In verband hiermee werden eenendertig arrestaties verricht.
En platform van zes boerenorganisaties zegt de nieuwe regering een petitie aan te zullen bieden. "De boeren hebben een tekort aan alles: grond, machines en zaaigoed. Een grote meerderheid leeft in extreme armoede."
Op economisch gebied zal, volgens de boeren, de regering een aantal dingen moeten doen: een grotere opbrengst van de landbouw bevorderen, de boeren technische hulp geven bij conserveren van bederfelijke waar, een goed irrigatiesysteem aanleggen, de boeren kredieten verlenen en investeren in de aanleg van wegen, om de afzet van hun producten te bevorderen. Ze zou ook werk moeten maken van de landbouwhervorming.
"Wij hebben besloten ervoor te strijden dat onze sector betrokken wordt bij en kan deelnemen aan het beleid waar het zaken betreft van algemeen belang."
Het platform ziet in de keus van Préval een afwijzing van de traditionele politiek. Volgens de boeren zijn het rechtssysteem en de opvoeding de meest belangrijke zaken waaraan de nieuwe regering prioriteit zal moeten geven.
De Canadese minister van Buitenlandse Zaken, Mackay, brengt een bezoek van enkele uren aan Port-au-Prince. Hij zegt hulp toe ter waarde van 15 miljoen Canadese dollars, bestemd voor de gezondheidszorg. Ook belooft hij dat er spoedig een oplossing gevonden zal worden voor een recent pijnlijk probleem. Vorige maand werd aan Alexis, de nieuwe premier, een visum voor Canada geweigerd. Hij wordt namelijk beschuldigd voor misdaden tegen de menselijkheid. Op 28 mei 1999 werden namelijk elf jongeren in Carrefour-Feuilles door de politie vermoord. In een brief van de Canadese ambassade staat: "De nationale politie van Haïti heeft zich schuldig gemaakt een misdaden tegen de menselijkheid in de periode dat u minister was (1999-2001) en dus verantwoordelijk voor haar optreden."
Volgens Radio Canada voert Alexis tot zijn verdediging aan dat zijn regering een proces heeft aangespannen tegen de schuldigen. "Het is de eerste keer, voorzover ik me herinner, dat de politieagenten waarvan bewezen is dat zij erbij betrokken waren zijn gearresteerd, gevangen gezet en aan justitie zijn overgeleverd. Zij zijn veroordeeld."
Mackay verklaart: "De regering nam zijn besluit over het visum op grond van informaties uit het buitenland. In het geval van Haïti zijn die niet altijd betrouwbaar."
Het BID gaat met de Haïtiaanse autoriteiten in gesprek over hulp aan het plan tot herstel van rust en orde zoals dat door Préval is voorgesteld. Het BID financiert momenteel projecten met een bedrag van 525 miljoen dollar. Er is sprake van nog eens 400 miljoen.
COHAN (Comitée Haïti Nederland)
Red.: André de Waele Wezenland 366 7415 JJ Deventer. E-mail: dewacohan@12move.nl