Voor zover het de verkiezing van Préval betreft, is veel van wat volgt "oud nieuws". Maar voor degenen die deze afleveringen bewaren is oud nieuws misschien toch wel nuttig.
13 februariDe stembiljetten zijn door Minustah verzameld. Naar het zich laat aanzien heeft Préval een aanzienlijke voorsprong op zijn tegenstanders, maar zal waarschijnlijk de barrière van 50 % van de stemmen niet kunnen nemen. Manigat staat op de tweede plaats.
Per helikopter heeft Minustah Préval van zijn geboorteplaats Marmelade naar Port-au-Prince gebracht, waar hij een onderhoud had met de leider van Minustah, Valdés, en enkele diplo-maten.
In Port-au-Prince nemen aanhangers van Préval al aan dat hij de verkiezingen gewonnen heeft. Honderden mensen gaan de straat op om zijn overwinning te vieren. Daags daarna zijn het er duizenden. Ze protesteren tegen vermeende fraude waardoor hun favoriet de vereiste meerderheid niet behaald zou hebben. Barricades blokkeren de voornaamste straten. Al gauw wordt in de provincie dit voorbeeld gevolgd.
Drie dagen lang wordt er gedemonstreerd, dit keer zonder noemenswaardige incidenten. Maar in Tabarre wordt een jonge aanhanger van Préval dodelijk door een kogel getroffen en raken meerdere personen gewond.
Latortue probeert een crisis te voorkomen door voor de televisie te verklaren dat het volgens de wet mogelijk is de uitslag te bestrijden en correcties aan te brengen.
De directeur-generaal van het CEP, die verantwoordelijk is voor de tellingen, krijgt veel kri-tiek. Hij verklaart dat de stemmen van driekwart van de stembureaus geteld zijn en dat Préval met 49 % aan kop gaat. Een grafiek laat echter zien dat hij 52 % van de stemmen heeft gewonnen.
Twee leden van het CEP verwijten hem gebrek aan transparantie en de uitslag bekend te heb-ben gemaakt zonder eerst het CEP hierover te hebben geïnformeerd. Een van hen spreekt van manipulatie en vraagt om een onderzoek. De voorzitter van de kiesraad distantieert zich echter van deze uitspraak.
De woordvoerder van de VN zegt dat niets op fraude wijst. Wel zijn er processen verbaal in een afvalbak gevonden, maar die zouden er per vergissing terechtgekomen kunnen zijn.
Manigat krijgt 12 % van de stemmen. Drie andere respectievelijk 8 %, 5,2 %, 2,5 % en 3 %. De rest komt op zijn hoogst tot 2 %.
Van de kiesgerechtigden heeft 63 % zijn of haar stem uitgebracht. Waarschijnlijk zouden dit er meer geweest zijn als de verkiezingen beter waren georganiseerd.
Vooral in de eerste uren van 7 februari waren er veel problemen. Een aantal stembureaus was niet op de vastgestelde tijd (06.00 uur) open, waardoor de mensen uren lang in de rij moesten staan. Dikwijls waren ze 's nachts van huis vertrokken en hadden ze kilometers moeten lopen.
Over het algemeen bleven ze rustig wachten, wat over heel de wereld bewondering afdwong. De slechte organisatie echter was er de oorzaak van dat in het gedrang toch vier mensen om-kwamen. Dit zou ook verklaren waarom 7,5 % van de stembiljetten ongeldig waren omdat ze niet juist waren ingevuld.
Haïtiaanse en internationale waarnemers zijn van mening dat de verkiezingen over het alge-meen goed verlopen zijn en dat de geconstateerde onregelmatigheden niet van invloed zijn op de uitslag.
Volgens Justitia et Pax kon in enkele kiesbureau niet gestemd worden. Dat was het geval in Grand Saline, la Chapelle, Aquin en Bourdon, waar kiesregisters, stembiljetten of het kiesbu-reau zelf werden verwoest. In het departement Nord zou Minustah de stembiljetten meegeno-men hebben voordat het proces-verbaal was opgemaakt.
Verschillende bendeleiders in Cité Soleil verklaren hun wapens te zullen neerleggen als Pré-val gekozen wordt. Volgens Le Monde vertrekken ze dan met een beurs naar het buitenland. Volgens New York Times zou Préval hun amnestie verlenen.
Toen Aristide de verkiezingen won heeft hij 12 duizend van zijn aanhang aan werk geholpen in de publieke dienst. De interim regering zou die vervangen hebben door anderen. Zij op hun beurt zijn bang nu ontslagen te worden.
Na lange onderhandelingen heeft het CEP Préval op 16 februari tot winnaar uitgeroepen. Om hiertoe te komen heeft het de ongeveer 91.219 blanco stemmen gelijk verdeeld over de kandi-daten, waardoor Préval 51.15 % van de uitgebrachte stemmen kreeg. Dit is tegen het kieswet-reglement.
Een paar dagen eerder had Préval gezegd ervan te overtuigd zijn dat er bij de telling veel ge-fraudeerd of dat er grove vergissingen waren gemaakt. "Als u deze uitslag openbaar maakt zal mijn partij deze bestrijden en daarna ook het volk". Hij riep zijn aanhang op tot vreedzame manifesteren, zonder eigendommen te beschadigen en zonder de mensen te beletten aan het werk te gaan. President Boniface laat daarop een commissie vormen bestaande uit leden van de regering, het CEP en Prévals partij L'Espoir. Ze wordt belast met het verifiëren van de resultaten. De president laat zeggen: "Op verzoek van de kandidaat is besloten de bekendma-king van de officiële resultaten op te schorten tot het bekend zijn van het rapport van de commissie"
Even later begint een t.v. kanaal beelden te tonen van stukken uit de kiesbureaus die, niet ver van Port-au-Prince, bij het afval gevonden zijn. Tussen de niet blanco stembiljetten, die ertus-sen zaten, was er een groot aantal ten gunste van Préval. Daarop gaan duizenden de straat op met in hun hand de gevonden stembiljetten.
Latijns Amerikaanse, vooral Braziliaanse, diplomaten zijn sterk betrokken geweest bij het uitroepen van Préval als overwinnaar.
Iets eerder had Valdés verklaard: "Als de verkiezingen eindigen in een mislukking, zal Haïti een protectoraat worden. De Veiligheidsraad zal dan geen andere keus hebben dan de leiding van het land toe te vertrouwen aan buitenlands gezag, wat een gewapende opstand zal veroor-zaken".
Manigat, die 12 % van de stemmen won, wil een tweede ronde, ofschoon hij erkent ook dan weinig kans te hebben. Ten slotte legt hij zich bij de genomen beslissing neer. Wel merkt hij op dat "geweld loont". Hij spreekt van "druk vanuit sommige internationale milieus" en van een "staatsgreep via verkiezingen".
Kofi Annan noemt de gekozen oplossing "een verstandige methode om te proberen de impas-se te doorbreken, die anders had kunnen uitmonden in een ernstig conflict en geweld".
Préval zal op 29 maart in functie treden.
De eerste landen die hem feliciteren zijn Chili, Canada, de VS en de Dominicaanse Repu-bliek. De Caricom vraagt voor de nieuwe Haïtiaanse autoriteiten de hulp van de internationale gemeenschap. Condoleezza Rice zegt: "Wij zullen samenwerken met de regering van Préval. Wij willen dat deze regering een succes wordt. We zullen zien welke aanvullende fondsen wij nodig hebben om deze regering te helpen".
De tripartiete commissie heeft nog geen rapport geschreven en is misschien zelfs niet eens aan de slag gegaan. Toch zijn de beschuldigingen van fraude ernstig. Dit kan zijn weerslag heb-ben op de uitslag van de parlementsverkiezingen.
Veel commentatoren vinden het niet aannemelijk dat zo veel mensen blanco gestemd hebben, terwijl ze toch kilometers hebben moeten lopen en uren in de zon hebben moeten wachten. Volgens het CEP kunnen eventuele onregelmatigheden alleen maar vanuit de stembureaus komen. Er zijn veel vragen.
De blanco stemmen zouden alleen maar in het voordeel van Préval kunnen zijn als hij rond de 50 % van stemmen zou krijgen, maar geen enkele peiling wees daarop.
De woordvoerder van het CEP denkt dat het gevonden stemmateriaal afkomstig zou kunnen zijn uit de drie departementen waarin negen stembureaus op 7 februari geplunderd zijn. Maar het schijnt dat het afkomstig is van kiesbureaus in het departement West. Minustah was ver-antwoordelijk voor het opruimen van de stembureaus. Misschien heeft de maatschappij die zij opdracht daartoe gaf het achtergebleven stemmateriaal niet al zodanig herkend.
De Veiligheidsraad heeft op 14 februari het mandaat van Minustah met zes maanden ver-lengd.
De Zuid-Afrikaanse president verklaart: "Ik kan me voorstellen na alles wat ik zie en hoor, dat president Préval zich niet zou verzetten tegen de terugkeer van Aristide". Maar hij denkt dat de datum hiervan "zal worden bepaald door René Préval en president Aristide om geen onnodige problemen te veroorzaken".
De Amerikaanse regering herhaalt van zijn kant dat hij "een man van het verleden"is.
Bij de parlementsverkiezingen heeft geen enkele kandidaat de absolute meerderheid be-haald. Er zal dus een tweede ronde moeten komen. Die zou op 19 maart plaats vinden, maar het is goed mogelijk dat die wordt uitgesteld.
Préval ontkent iedere inmenging in de beslissing van het CEP om een andere manier van tel-len toe te passen.
Voor de nieuwe regering ziet hij twee hoofdtaken: het in leven roepen van de instituties die de grondwet voorschrijft en de geëigende voorwaarden scheppen voor privé-investeringen. Hij belooft te strijden tegen corruptie in het overheidsapparaat en de dialoog aan te gaan met de verschillende sectoren in de samenleving.
Hij herhaalt ook wat hij gezegd heeft over een mogelijke terugkeer van Aristide namelijk dat geen enkele Haïtiaan een visum nodig heeft om het land binnen te komen. "Of Aristide in de politiek zal gaan of dat hij zal gaan werken in het onderwijs, dat moet u aan hem vragen, niet aan mij".
Préval zegt dat hij geschrokken is van de hartstocht en de hoop van de mensen bij de verkie-zingscampagne. Hij herinnert eraan dat de bevoegdheden van de president beperkt zijn en dat zijn speelruimte zonder de medewerking van het parlement nog beperkter zijn.
In een interview met The Times zegt Aristide dat Préval gekozen is "per procuratie" en dat de uitslag hem gold. "Door zo te kiezen heeft het volk dit duidelijk kenbaar gemaakt, want het wil dat ik terugkom". Eerder had hij gezegd dat de uitslag gerespecteerd moest worden.
Hij zou ook hij gezegd hebben dat alleen zijn terugkeer de stabiliteit in Haïti kon terugbren-gen.
Voor een Zuid-Afrikaanse radio had Aristide een paar dagen tevoren gezegd dat zijn terug-keer het onderwerp zou zijn van gesprekken met de nieuwe president, maar ook met de VN en landen die hij niet bij name noemde.
Hij zei naar zijn land terug te willen keren en in het onderwijs te willen gaan. Als privé-persoon kan hij een plaats innemen "zoals Nelson Mandela na zijn terugkeer."
Tegen journalisten zegt de secretaris-generaal van de OAS: "Ik zou liever niet willen dat er nu een discussie begint over het al of niet terugkeren van deze mijnheer. (Haïti) is een land dat vooral vrede, rust en eensgezindheid nodig heeft".
Volgens het State Department zou de terugkeer van Aristide "geen goed idee" zijn.
Het CEP en Minustah hebben bekend gemaakt dat de tweede ronde van de parlementsver-kiezingen voor onbepaald tijd worden uitgesteld. Het CEP wil eerst de protesten behandelen die gemaakt zijn naar aanleiding van de eerste ronde. Waarschijnlijk wordt ook de beëdiging van Préval nu uitgesteld, want die moet volgens de grondwet plaatsvinden voor de algemene vergadering. Uitwijken naar een noodoplossing, zoals beëdiging voor het hof van cassatie, zou sterk bekritiseerd kunnen worden en de positie van de nieuwe president verzwakken.
De eerste buitenlandse reis van Préval was naar de Dominicaanse Republiek. Hij heeft er een uur gesproken met Leonel Fernández. Hierna werden gesprekken gevoerd tussen de twee de-legaties van beide presidenten over immigratie, veiligheid, gezondheid, werkgelegenheid, milieu en gezamenlijke ontwikkelingsprojecten in het grensgebied.
Bij zijn terugkeer zegt Préval: "Het was een privé-bezoek dat gevolgd zal worden door ande-re". Er zal een Haïtiaans-Dominincaanse commissie gevormd worden die bestaan zal uit ver-tegenwoordigers van de publieke en private sector en organisaties voor de mensenrechten. Ze zullen gaan werken aan de "grote dossiers".
Préval is uitgenodigd voor de vergadering van de Veiligheidsraad op 27 maart, waar een de-bat gevoerd zal worden over de situatie in Haïti.
Latortue zou na 7 februari alleen nog lopende zaken afhandelen. Toch blijkt hij op 22 februa-ri in New York een akkoord getekend dat door velen als schandalig wordt geschouwd. Deze overeenkomst, waaraan uitdrukkelijk de nieuwe regering gehouden is, is meeondertekend door de vertegenwoordiger van de secretaris-generaal van de VN, Valdés. Het betreft een aanvulling op eerdere overeenkomsten en benadrukt de zeggenschap van Minustah over de Haïtiaanse politie. Het bepaalt dat Minustah iedere politieagent een lidmaatschapskaart zal geven die niet langer dan een jaar geldig is. Na twee jaar kan hij of zij een kaart krijgen voor onbepaalde tijd. Minustah krijgt ook het recht op vrije en onmiddellijke toegang tot iedere plaats waar de politie zich kan ophouden en tot alle documenten, ook gerechtelijke, die haar betreffen. Geen enkel lid van Minustah kan "opdrachten krijgen van een vertegenwoordiger van de regering of de nationale politie, wie dat ook moge zijn".
De kabinetschef van de president zegt het bestaan van deze overeenkomst alleen maar te ken-nen via de pers. Hij zou erkend hebben dat deze overeenkomst, die hij alleen hij ondertekend had, geen wettige basis heeft.
In Port-au-Prince heerst een groot gebrek aan water en elektriciteit. De droogte die een maand heerst is daar de oorzaak van.
COHAN (Comitée Haïti Nederland)
Red.: André de Waele Wezenland 366 7415 JJ Deventer. E-mail: dewacohan@12move.nl